Spreuken 1 t/m 250

Volgens het woordenboek betekent het woord "spreuk": kernachtige uitspraak, die een wijsheid of een vermaning inhoudt. Wij willen echter niemand vermanen, wij gebruiken het meervoud van het woord slechts als een dekmantel om onze onzinnige verzameling van aforismen, citaten, éénlijners, epigrammen, gezegden, spreekwoorden, (on)wijsheden en verschillende andere soorten zegswijzen een plaats te kunnen geven tussen de overige, vaak op bedenkelijke wijze als zinnig gekenschetste, onzinnigheden op de rest van het wereld vernauwende wereld wijde web, waar we op rondhangen.
Hier hebben we spreuken in allerlei soorten, maten, geuren, kleuren en smaken. En ze staan lekker door elkaar heen, zonder rangschikking of structuur en zonder categorisatie of zoekmogelijkheid, zodat er nog maar één ding opzit: Ze allemaal lezen! Dat is een mooie en leerzame tijdsbesteding...

1
Humor is een eigenschap van het hart, zoals liefde. Er bestaan ook mensen die niet lief kunnen hebben. Wellicht zijn het dezelfde die geen humor hebben.
(R.G. Binding)

2
Altijd en nooit zijn beide even lang.
(E. Triolet)

3
Als iedereen zegt dat je een ezel bent, is het tijd om te gaan balken.
(De Talmoed)

4
De beste tijd die je hebt is tijdens je ademhaling, want na het sterven wordt er niet gedronken.
(J. Fletcher)

5
Wie maar één enkele één is en meer wil worden moet veel nullen achter zich zien te krijgen.
(A. Noniem)

6
Een theorie is een vermoeden met academische opleiding.
(J. Carter)

7
Wie een beerput opentrekt, moet niet zeuren dat het stinkt.
(Ernie)

8
Je merkt vaker dat iemand grappig wil zijn dan dat iemand grappig is.
(A.L. Gemeen)

9
Verliefdheid is dat ze je aankijkt en zegt: "Ik wilde dat je een kannibaal was."
(G. van Camp)

10
Ook biechtvaders leven van de zonde.
(K. Jonckheere)

11
Waarheid is de kreet van iedereen, maar het spel van slechts weinigen.
(G. Berkeley)

12
De oppositie bepaalt welke kant de politiek niet opgaat.
(W. Scheel)

13
Drinken zonder dorst en vrijen in alle seizoenen is alles wat ons mensen van de overige dieren onderscheidt.
(F. de Beaumarchais)

14
Het is niets en zelfs dat niet.
(Ernie)

15
Gelukkig is er een keerzijde aan de keerzijde van de medaille.
(J. Anthierens)

16
Liefde kost niets om te krijgen, maar is onbetaalbaar als je het hebt.
(K. van Kooten)

17
Men doodt één mens en men is een moordenaar. Men doodt miljoenen mensen en men is een overwinnaar. Men doodt ze allemaal, men is een God...
(J. Rostand)

18
In interviews beweren de meeste auteurs dat zij hun eigen werk zelden of nooit herlezen, dat verklaart veel.
(G. de Ley)

19
Een zwarte koe geeft ook witte melk.
(Sierra Leones spreekwoord)

20
Men moet veel weten om goede vragen te kunnen stellen over wat men niet weet.
(A. Noniem)

21
Je herkent jezelf aan je vrienden. Dus als je geen vrienden hebt, herken je jezelf niet.
(Ernie)

22
Nu zeggen en schrijven veel wetenschappers meer dan ze weten, maar vroeger wisten sommigen meer dan ze zeiden en schreven.
(M. Claudius)

23
Uitzonderingen bevestigen niet altijd de oude regel. Ze kunnen ook voorboden van een nieuwe regel zijn.
(M. von Ebner-Eschenbach)

24
Denk er eens aan dat een veiligheidsgordel u minder in uw bewegingen belemmert dan een rolstoel.
(W. Aarheid)

25
Een maagd is iets heel moois, mits ze het niet blijft.
(J. Ringelnatz)

26
Jaag je op een edelhert, laat dan de hazen lopen.
(Chinese spreuk)

27
Boosheid is nooit zonder reden, maar zelden met een goede.
(G.S. Halifax)

28
Waar het regent wordt het nat, maar waar het nat is hoeft het niet geregend te hebben.
(Ernie)

29
Pas als een boom groot en sterk is kan men er een koe aan binden.
(Liberiaans spreekwoord)

30
Wie alles ernstig neemt houdt zichzelf voor de gek.
(W. Eschker)

31
Het testament van de gestorvenen is de spiegel van de levenden.
(Pools spreekwoord)

32
Als een vrouw de keuze heeft tussen een bontmantel en een minnaar, kiest ze natuurlijk de bontmantel als een geschenk van de minnaar...
(J. Moreau)

33
Kiespijn is een luxe die binnenkort alleen tandartsen zich nog kunnen veroorloven.
(A. Noniem)

34
Een kind kan niet zo slecht zijn of het is best goed voor belastingaftrek.
(R. Lembke)

35
Bijtende honden blaffen niet.
(Ernie)

36
Liefde op het eerste gezicht is het excuus van mannen voor het feit dat ze het druk hebben.
(E. Sommer)

37
Hoe heerlijk is het niets doen en daarna te rusten.
(Spaans spreekwoord)

38
Wij denken wel de natuur te kunnen beheersen, maar waarschijnlijk is zij alleen maar aan ons gewend geraakt.
(K. Waggerl)

39
Als je altijd in iemands voetsporen treedt, kun je hem nooit inhalen.
(F. Truffaut)

40
De grote moeilijkheid bij opvoeden is dat de praktijk volstrekt los staat van de theorie.
(G. Santayana)

41
Het gevaarlijkste van alle drugs is het succes.
(B. Graham)

42
Een autotelefoon is een telefoon die zelf opbelt.
(Ernie)

43
Het verleden moet men als springplank gebruiken, niet als sofa.
(H. MacMillan)

44
Als in een mensengeest éénmaal de vrijheid is losgebroken, hebben de goden er geen vat meer op.
(J.P. Sartre)

45
Liefde is als elke andere luxe. Je hebt er geen recht op, tenzij je je het kan veroorloven.
(A. Trollope)

46
Met passen en meten wordt de meeste tijd versleten, maar wie het niet doet, doet zijn werk niet goed.
(Zegswijze)

47
Een schrijver leeft niet en beleeft niets, hij heeft altijd een boek in voorbereiding.
(J. Brouwers)

48
In een gesloten mond komt geen vlieg.
(Italiaanse wijsheid)

49
Fouten maken is menselijk, net als het ontkennen ervan.
(Ernie)

50
Nooddruft heeft de merkwaardige eigenschap om waardeloze dingen waardevol te maken.
(W. Shakespeare)

51
Aarzelen is het lot tijd geven om ons besluit vóór te zijn.
(J. de Valckenaere)

52
Je kunt je niet voorstellen hoe pijnlijk het voor me was om te zien hoeveel er bereikt kan worden zonder mij.
(H. Kissinger)

53
Een politieke partij heeft eigenlijk maar twee problemen. Het eerste probleem is; hoe komt men aan de macht, het tweede; wat doet men ermee als men haar heeft.
(R. Blake)

54
Een politicus is iemand die de waarheid zegt als hij zich vergist.
(K. Jonckheere)

55
Wij moeten ons leven niet verdoen door alsmaar nieuwe methodes uit te denken. We moeten minder plannen maken en meer doen.
(W. Channing)

56
Alles valt naar beneden, alleen mensen kunnen omhoog vallen.
(Ernie)

57
Geen grotere tweedracht dan die uit godsdienst ontstaat.
(Montanus)

58
Beter is het geheel blind te zijn, dan een zaak slechts van één kant te bekijken.
(Indisch spreekwoord)

59
Nooit zal ik vinden dat je te laat bent, als je behouden bent aangekomen.
(Latijnse uitdrukking)

60
Vaak kost het de kop wanneer men zijn gezicht wil redden.
(W. Eschker)

61
Een luie dief berokkent niet zoveel schade als een nonchalante knecht.
(M. Luther)

62
Ook fallussen houden van humor, soms lachen ze zich slap.
(K. Jonckheere)

63
Als je ziet wat mensen elkaar kunnen aandoen, gaat dat je voorstellingsvermogen ruim te boven.
(Ernie)

64
Een koel hoofd is belangrijker dan een warm hart.
(A. Eban)

65
Ouders vergeven hun kinderen de fouten die ze hun zelf hebben bijgebracht het moeilijkst.
(Duits gezegde)

66
De drang anderen te bekeren is geestelijk kolonialisme.
(A. Theïst)

67
Komedie ontstaat wanneer men bij een drama een oogje dichtknijpt.
(E. Ionesco)

68
Vroeger dacht men gewoon na, tegenwoordig reflecteert men.
(P. Hörbiger)

69
Het leven is de enige ziekte waar wij allen aan doodgaan. Alle andere ziekten zijn maar handlangers.
(L.J.C. Boucher)

70
Als je met alle winden meewaait, kun je maar beter verkouden zijn.
(Ernie)

71
Men moet zonder schaamte zeggen wat men zonder schaamte meent.
(Latijnse zegswijze)

72
Als u niets te doen hebt, doe het dan niet hier.
(A. Noniem)

73
Telkens als ik in een vacature voorzie, maak ik honderd ontevredenen en één ondankbare.
(Lodewijk XIV)

74
De afwezigen hebben altijd ongelijk.
(P.N. Destouches)

75
Ik geloof dat zij over mij spraken, want zij lachten heel behoorlijk.
(G. Farquhar)

76
Een woordenboek is de enige plaats waar succes voor het werk komt.
(V. Sassoon)

77
Aan alles komt een eind en aan een worst wel twee.
(Ernie)

78
"Aangenaam" is een uitdrukking waardoor naamlozen elkaar laten verstaan dat ze geen zier om elkaar geven.
(L. van Brussel)

79
Als je in de meute terechtkomt, moet je blaffen of met de staart kwispelen.
(Russisch spreekwoord)

80
Vrijwel alle mensen hebben iets aardigs, als je maar diep genoeg graaft.
(S. Carmiggelt)

81
Een vrouw die haar tegenstand opgeeft, gaat tot de aanval over.
(M. Mastroianni)

82
Het leuke van kluiten is, dat je er zo fijn uit kunt wassen.
(J. O'Mill)

83
Wie over iedere stap lang nadenkt, staat zijn leven lang op één been.
(Chinees spreekwoord)

84
Niets is duidelijk, dat is duidelijk.
(Ernie)

85
Verheug u nooit over het heengaan van iemand, vooraleer ge weet wie hem zal opvolgen.
(Arabisch gezegde)

86
Op iedere top bevind je je per definitie op de rand van de afgrond.
(F. Jansen)

87
Dáárin zijn mens en dier gelijk: Eerst willen ze niet, dan moeten ze wel en tenslotte wennen ze eraan.
(S. Carmiggelt)

88
Eieren van anderen hebben twee dooiers.
(Bulgaars spreekwoord)

89
Er zijn veel vlinders die ontkennen ooit rups geweest te zijn.
(G. de Ley)

90
Elk afscheid betekent de geboorte van een herinnering.
(S. Dali)

91
Wees altijd vriendelijk tegen een vreemde op het werk, morgen kan het jouw chef zijn.
(Ernie)

92
Airconditioning garandeert nog geen goed bedrijfsklimaat.
(M.M. Ronner)

93
Het banaalst is de mens die niet banaal wil zijn.
(S. von Radecki)

94
Niets schaadt een staat meer dan alleenheerschappij.
(Euripides)

95
De bij wordt geëerd omdat ze niet alleen voor zichzelf werkt, maar voor iedereen.
(J. Chrysostomos)

96
Veel ambtenaren denken dat de staat er is om hun een onbekommerd en goed betaald bestaan te garanderen.
(Meng-tse)

97
Analfabeten zijn best in staat tussen de regels door te lezen.
(P. Benary)

98
Vergissen, dichtbij zeker weten.
(Ernie)

99
Wees lief voor de ander, hij is het ook voor zichzelf.
(L. Lamon)

100
Leven wij slechts negen maanden zonder angst?
(J. Berghmans)

101
De molenaar was in zijn wiek geschoten, maar maalde er niet om.
(W.H. Oever)

102
Hoe meer loonbelasting ik betaal, hoe beter het met me gaat.
(R. Jonkers)

103
Citeren is een ongeneeslijke kwaal voor wie meer geheugen heeft dan verstand.
(K. Jonckheere)

104
Als een mens een gat ziet, heeft hij de neiging het te vullen. Daarbij valt hij er meestal zelf in.
(K. Tucholsky)

105
Een zalmslaatje? Ik sla mooi terug.
(Ernie)

106
Als het huis gebouwd is, is men de timmerman vergeten.
(Indiaas spreekwoord)

107
Huwelijken zijn als schilderijen; er zijn meesterwerken onder.
(W. Imanse)

108
Het is een zegen om te kunnen vergeten.
(L. Siuun)

109
Waarheid is de naam die wij onze wisselende vergissingen geven.
(R. Tagore)

110
Het is moeilijk een vrouw ervan te overtuigen dat ook een koopje geld kost.
(A. Noniem)

111
Woorden zijn als röntgenstralen wanneer men ze op de juiste manier hanteert.
(A. Huxley)

112
Computers lossen problemen op, die je zonder die dingen niet zou hebben.
(Ernie)

113
Al het menselijke is onderhevig aan verval.
(J. Dryden)

114
Als het spel uit is gaan de koning en de pion in dezelfde kist.
(W.H. Oever)

115
Het probleem van alleen wonen is dat je altijd aan de beurt bent om af te wassen.
(A.L. Gemeen)

116
Is het een vooruitgang als een kannibaal met mes en vork eet?
(S. Lec)

117
Als je vriendelijk wil leven, moet je niemand tegenspreken.
(Hongaars spreekwoord)

118
De kapitein stak van Wal, van Wal overleed ter plekke.
(Bo)

119
Eén olifant maakt nog geen zomer.
(Ernie)

120
Zelfs als alle geleerden het eens zijn, kunnen ze er nog best naast zitten.
(B. Russel)

121
Ze hebben de melk horen klotsen, maar weten niet waar de tepel hangt.
(Een veeboer)

122
Als je buurman vroeg opstaat, zal jij het ook gaan doen.
(Albanees spreekwoord)

123
Werk behoedt ons voor drie kwaden: verveling, verdorvenheid en gebrek.
(Voltaire)

124
Uitstel is de natuurlijke moordenaar van mogelijkheden.
(V. Kiam)

125
Ik kom uit een omgeving waar je een slang doodt als je hem ziet, maar als je bij dit bedrijf een slang ziet, is het eerste wat je doet een slangenadviseur inhuren.
(H. Ross Perot)

126
Sommige "watjes" zijn te groot om in je oren te stoppen.
(Ernie)

127
Wat zijn er toch veel dingen die ik niet nodig heb!
(Sokrates)

128
Men mag zich niet over de zee beklagen, als men voor de tweede maal schipbreuk lijdt.
(IJslands spreekwoord)

129
Het juiste gebruik van onze taal is niet zozeer onze gebreken tot uitdrukking te brengen, alswel ze te verbergen.
(O. Goldsmith)

130
Een mooi sprookje kan toch nooit een leugen zijn.
(A. Van Oorschot)

131
Ik ben overal vóór, als het maar ergens tegen is.
(W.H. Oever)

132
Van een kale kip kun je geen veren meer plukken, maar nog wel het vel over de oren halen.
(M. v.d. Muckhof)

133
Hij voelde zich als een vis op het droge.
(Ernie)

134
Getob is als een schommelstoel; Het houdt je bezig, maar het brengt je nergens.
(A. Noniem)

135
Wie altijd en alleen sympathiek wordt gevonden, is een sukkel.
(T. Mann)

136
Een poeslieve stem wekt het vermoeden dat iemand een muis van u wil maken.
(Japans gezegde)

137
Ga je mee verdwalen? Ik weet de weg.
(S.O. Meone)

138
Een ziek bedrijf maakt zieke werknemers.
(R. Jonkers)

139
Van een os kan men tenslotte niet meer verlangen dan een biefstuk.
(Zweeds spreekwoord)

140
Als het olifanten regent helpt een paraplu ook niets meer.
(Ernie)

141
School lijkt op de mannelijke geslachtsdelen. De leraren zijn de ballen en wij zijn de lul.
(S.O. Meone)

142
Het is soms belangrijk om leuk te zijn, maar het is leuker om belangrijk te zijn.
(A. Noniem)

143
Vooral in het oerwoud van ons lichaam dringt de beschaving moeilijk door.
(K. Jonckheere)

144
De kleine dieven hangt men op, de grote vallen door de strop.
(Zegswijze)

145
Newton is dood, Einstein leeft niet meer en ik voel me ook al niet lekker.
(W. Iseguy)

146
Grijze haren tekenen de jaren, niet de wijsheid.
(Menandros)

147
Als de dag des oordeels komt, ben ik niet thuis.
(Ernie)

148
Je zult maar een ééndagsvlieg zijn en je dag niet hebben.
(V. Kortlever)

149
Het beste geneesmiddel tegen onrecht is het te vergeten.
(Italiaans spreekwoord)

150
Op z'n best is het leven een droom, op z'n slechtst een nachtmerrie waaruit je niet kunt ontsnappen.
(M. Twain)

151
Dit is niet meer ons eerste glas...
(L. Uhland)

152
Er is maar één ding dat erger is dan zo'n onpersoonlijk telefoongesprek en dat is nietjes halen uit stoomgoed.
(J. Kraaykamp)

153
Een conservatief is iemand die iets wil bewaren dat hij al kwijt is.
(G. Durnez)

154
Kortsluiting kan ook erg lang duren.
(Ernie)

155
In het oordeel over anderen velt men dikwijls zijn eigen oordeel.
(A. Noniem)

156
De vrouw is het enige geschenk dat zichzelf verpakt.
(J. P. Belmondo)

157
Soms ligt het beste vlees in de badkuip.
(W.H. Oever)

158
Telkens als mensen met me over het weer praten, weet ik eigenlijk zeker dat zij iets anders bedoelen.
(O. Wilde)

159
Er zijn van die dagen dat ik geen zin hebt om uit te gaan, maar mijn haar zit veel te goed om thuis te blijven.
(IJ. Del Tuit)

160
Meester doe de gordijnen effe dicht, ik kan niet slapen met al dat licht.
(L. Eerling)

161
Al is de processor nog zo snel, de software achterhaalt hem wel.
(Ernie)

162
Zelfs een defecte klok geeft tweemaal per dag de juiste tijd aan.
(Vader Tijd)

163
Waren al die roddels over mij maar waar.
(A. Noniem)

164
De meeste mensen biechten liever de zonden van andere mensen.
(G. Greene)

165
Het zijn wij allen die de oorlog willen en aanvaarden.
(A. Frank)

166
Om een slechte zaak te leiden moet men een goed politicus zijn.
(K. Kraus)

167
Het toeval begunstigt alleen die er op voorbereid waren.
(L. Pasteur)

168
In de tent van het leven zit vaak de ritssluiting vast.
(Ernie)

169
Vrijgezellen zijn mannen die graag getrouwd zouden willen zijn, maar niet voortdurend.
(H. Vita)

170
Buitenaards leven is intelligent. Het bewijs is het feit dat ze nog nooit contact met ons hebben opgenomen.
(I.N. ter Net)

171
Driftige heersers regeren kort.
(W. Tell)

172
Een goed theoloog weet alles, daarom leert hij nooit iets.
(H. Bruning)

173
Het is gemakkelijker vrienden te bezoeken, dan met hen te leven.
(Chinees spreekwoord)

174
Vooral vandaag zingt iedere bek zoals hij vogelt.
(K. Jonckheere)

175
Als je alles van te voren weet, kun je met je chipkaart de wereld rond.
(Ernie)

176
Door de aard van onze beperkingen zijn we blind voor onze beperkingen.
(A. Noniem)

177
Probeer niet te krijgen wat je wilt, maar te willen wat je krijgt.
(M.L. de la Rosière)

178
Een vriend is degene die binnenkomt wanneer iedereen is weggegaan.
(A. Goodier)

179
Wij zeggen wel eens: "je kunt meer dan je denkt...", maar er zijn veel mensen die "meer denken dan kunnen".
(T. Hermans)

180
Moge de vorst nooit je aardappelen aantasten. Moge de buitenbladeren van je kolen altijd verschoond van wormen blijven. Moge de koeien nooit aan je hooimijt kauwen en moge je ezel altijd drachtig zijn.
(Ierse heildronk)

181
Het feit dat iemand een grote neus heeft, wil nog niet zeggen dat hij beter kan ruiken.
(C. de Gaulle)

182
Een "kroegentocht" is een wind die naar drank ruikt.
(Ernie)

183
Ongetwijfeld verdiende ik mijn vijanden, maar ik denk niet dat ik mijn vrienden verdiende.
(W. Whitman)

184
Waar alles mag is niets meer mogelijk.
(O.N. Bekend)

185
Er is maar heel weinig verschil tussen een stokpaardje en een nachtmerrie.
(J. Vandeloo)

186
De hangmat is uitgevonden om er de mooiste plannen in te bedenken en vervolgens een excuus te hebben om ze niet uit te voeren.
(D. Pennal)

187
Alleen mensen kunnen bot en scherp tegelijk zijn.
(S. Sliep)

188
Een diplomaat is iemand die u zó vriendelijk zegt dat u naar de hel kunt lopen, dat u met genoegen naar de reis uitkijkt.
(C. Stinnett )

189
Was ik maar rijk en niet zo ontzèttend knap.
(Ernie)

190
Met het klimmen der jaren ben je een zak geworden, of was je dat al vanaf je geboorte?
(M. Pagol)

191
Sommige vrouwen zijn mooi van verre, maar verre van mooi.
(W.H. Oever)

192
Al onze kennis spruit voort uit onze waarnemingen.
(L. da Vinci)

193
Een geleende kat vangt geen muizen.
(Japans spreekwoord)

194
Als vliegen achter vliegen vliegen, vliegen vliegen vliegen achterna.
(J. Goldblum)

195
Beter een blauwtje gelopen dan een groentje gebleven.
(A. Noniem)

196
Ook een vredesduif schijt mijn balkon onder.
(Ernie)

197
Het grootste voordeel van rijkdom is dat ze niet meer met goede raad aan komen zetten.
(A. Onassis)

198
Het leven is net een neus; je moet eruit halen wat erin zit.
(S. Nuiter)

199
Het grote nadeel van in Amsterdam wonen is dat men nooit in Amsterdam komt.
(A. M.G. Schmidt)

200
Iedereen gelooft wel ergens in. Ik geloof... dat ik nog maar een biertje neem.
(P. Roost)

201
Pas wanneer alle wegen hopeloos verstopt zijn, zal de mens zich herinneren dat hij benen heeft.
(C.N. Parkinson)

202
Beter opbranden dan uitdoven.
(J. Deelder)

203
Beter één ei in de hand, dan de lucht van tien.
(Ernie)

204
Het boeiende van ons klimaat vind ik dat het bij machte is om vier seizoenen in één week te leveren.
(S. Carmiggelt)

205
Als het niet kan zoals het moet, moet het maar zoals het niet kan.
(Gronings gezegde)

206
Wie de schoen past... heeft de goede maat gekocht.
(A. Bundy)

207
Wereldverbeteraars zijn mensen die het hele huis afbreken, als er een deur piept.
(G. Knuth)

208
Knap is het als men kan verbergen hoe knap men is.
(F. de la Rochefoucauld)

209
In iedere organisatie is er altijd één persoon die weet wat er werkelijk aan de hand is, dit persoon moet zo snel mogelijk worden ontslagen.
(Conway)

210
Ik zal maar "U" zeggen, want ik kan de "L" niet uitspreken...
(Ernie)

211
Voor iedere eenvoudige oplossing zijn er een aantal ingewikkelde problemen van de Amerikaan.
(L. Craine)

212
Wat de tijd niet oplost is geen probleem van de Fransman.
(H. de Montherlant)

213
Zonder een boot vaart niemand wel.
(S.C. Hipper)

214
De politiek is een toneel waarop de souffleurs vaak harder spreken dan de acteurs.
(I. Silone)

215
In onze tuin groeit niets, alleen wasgoed.
(D. Thomas)

216
Alle gelukkige gezinnen lijken op elkaar, maar elk ongelukkig gezin is ongelukkig op zijn eigen wijze.
(P. Tolstoj)

217
Wie zichzelf niet eert, is een ander niet weerd.
(Ernie)

218
Wie het laatst lacht, gaat ook dood.
(S. Heederik)

219
Als ik wandel en iemand vraagt de weg aan mij, vind ik dat aangenaam. Ik heb dan eindelijk het gevoel dat ik iets weet, wat anderen niet weten.
(T. Hermans)

220
Ben ik eindelijk klaar voor het leven, is het leven nog niet klaar voor mij.
(A. Noniem)

221
Zodra een lichaam geheel in water is ondergedompeld gaat de bel.
(B. Ader)

222
De wereld is een schouwtoneel, elk speelt zijn rol en krijgt zijn deel.
(J. van den Vondel)

223
Ik trek altijd aan het langste eind.
(R. Ukker)

224
Niet alleen in de winter doen sommige mensen elkaar de das om.
(Ernie)

225
Het leven is als een lid; keihard en vaak te kort.
(Jan .u.)

226
Als muizen samenwerken verplaatsen ze samen een olifant.
(I.N. ter Net)

227
Een hond aan de hand is beter dan een broeder ver weg.
(Perzisch gezegde)

228
Het kwaad dat we doen, levert ons niet zoveel haat en vervolging op als onze goede eigenschappen.
(F. de la Rochefoucauld)

229
Mensen worden veel aardiger als we van ze gaan houden.
(W. Aarheid)

230
Van de honderddrieënnegentig levende apensoorten, zijn er honderdtweeënnegentig bijna geheel bedekt met haar. Uitzondering is een naakte aap, die zich "homo sapiens" noemt.
(D. Morris)

231
Als Nederland bergen zou hebben, konden onze politici zich niet meer op de vlakte houden.
(Ernie)

232
Een idee is een soort gas; ze hangt in de lucht en iedereen snuift er wat van op.
(L.P. Boon)

233
Het eerste mensenpaar had veel voordelen; zo hadden ze meteen een compleet gebit...
Ze hadden echter wel veel vooroordelen; ze dachten dat slangen geen mensen waren.
(A. Noniem)

234
Wie geen biograaf kan vinden, moet zijn leven zelf verzinnen.
(G. Guareschi)

235
Wees zuinig met papier! Papier is geduldig, maar het geduld schijnt op te raken.
(O.N. Geduld)

236
Zo af en toe word ik ook een dagje ouder.
(Vader Tijd)

237
Wat een afgrijselijk beest is een fatsoenlijk mens.
(F. Dostojevski)

238
Hoe hoger je vlieger gaat, des te sneller moet je knopen kunnen leggen.
(Ernie)

239
Ieder mens is de schepper van zijn eigen geluk.
(R. Steele)

240
Was mijn kat maar half zo kat als jij.
(A. Noniem)

241
Schrijven is als stratenmaken; op je knieën liggen en achteruit kruipen.
(H. Mulisch)

242
Ach, waren de mensen maar zo als de bloemen in mijn huis. Ze weten niet van kleur of ras en drinken samen uit één glas.
(M.L. King)

243
Het is beter op iemand te moeten wachten, dan op niemand meer te moeten wachten.
(R. Herreman)

244
Aan hardlopers heb je niets, je moet op tijd vertrekken.
(J. De la Fontaine)

245
Wie een olifant kruist met een mol krijgt grote gaten in zijn tuin.
(Ernie)

246
De politieke macht komt uit de lopen van geweren.
(M. Tse-toeng)

247
Als al het andere niet lukt, lees dan de handleiding.
(Cahn)

248
Goed vaderschap behoeft kinderlijke fantasie en grootvaderlijke wijsheid.
(Boersma)

249
Ik heb een geweldige dag gehad, maar dit was 'm niet.
(I.N. Ter Net)

250
Je moet minstens met z'n tweeën zijn om ruzie te maken.
(Sokrates)

©1996-2021 WPA